In de 14e eeuw kom ik in de archieven verschillende Estvelts tegen die best brutaal, ondeugend of zelfs stout te noemen zijn. Menigmaal wordt er namelijk een Estvelt genoemd in de boeken van de ambtlieden en rentmeesters van de Veluwe. Zij schrijven de ontvangsten van boetes en de reden op in hun boek.
Henrico de Estvelde heeft op een dag in 1333 het hout van de pastoor gezaagd, die daar niet echt van gediend was. De pastoor heeft een klacht ingediend, waarna Henrico een boete moet betalen.

Item a Henrico de Estvelde quia ligna plebani secuit contra ipsius voluntatem: 2 libra. 8 solidi.
Bron: GA – 0001 Graven en Hertogen van Gelre – 4046
Brant de Estvelde heeft een boete betaald in 1333 voor het herstel van de heg en daarnaast heeft hij samen met Lubberti de Estvelde een boete gekregen voor herstel van de sloot en voor het aangraven van woeste grond.

Officio Gherderen
Item de communitate Barnevelde ab Amilio de Scaflaer de rectificatione sepus sue… 1 libra
Item de Brant de Estvelde de eodem II libra VIII solidi
Item a predicto Brant et Lubberti de Estvelde de rectificatione fossati 2 libra, 8 solidi
item a de … Brant predicto en Lubberti de una petia terra mencura que vacuit indivisa 16 libri
Bron: GA – 0001 Graven en Hertogen van Gelre – 3218
Berwico de Estevelde heeft samen met twee andere dorpsgenoten Ghysone van Brylaer en Amilio de Schaflaer een boete betaald voor het aangraven van een stuk woeste grond, zonder voorafgaande toestemming.

Item Berwico de Estvelde, Ghysone de Brylaer et Amilio de Scaeflaer de una petia terra que vacuit ut divisa suie mencura – 32 libra
Bron: GA – 0001 Graven en Hertogen van Gelre – 3218
